Zo, de tijd is gekomen om nog meer inzage te bieden in mijn prehistorisch borduurwerk op de borduurplaneet te tonen. Dit werkje werd eigenlijk gemaakt tussen de eerder getoonde ijsvogel en reiger.
Mijn kleine borduurhistorie (1. Vogels)
In diverse berichten maakte ik mijn borduuractiviteiten aanschouwelijk. Nu is de tijd gekomen om nog verder terug te gaan in de tijd en mijn prehistorisch werk te tonen, te beginnen met 2 vogelwerkjes.
Voor wie het niet duidelijk is: het betreft een ijsvogel en een reiger.
Een avond bij een prutser
Wim Helsen is de trotse eigenaar van een universum waar gerecycleerde popmuziekjes schallen. Tederheid escaleert er nogal eens in vuiligheid. Gekke dansjes en enge lichaamskronkelende gorgels moeten.
Soms, heel soms, is het er… stil (een hele kunst voor een komediant), of ongemakkelijk (bij gestorven vrouwen of gezelfmoorde zussen). Dan weer duikt een nieuwsoortig superheld op, of moet er dringend geïnterageerd worden met het publiek, al dan niet op aangeven van stemmen naast het hoofd (de schele jezus spreekt).
Meester-entertainer Helsen maakt van het podium dat universum. Hij toont je de verwonderde, maar ook hunkerende, blik van een in zichzelf gekeerd jongetje op een kutwereld waar weinig communicatie (mee) mogelijk lijkt. Waar zelfs een gewone beenhouwer zich niet aan de juiste dialogen houdt (beenhouwer = slager, wegens voorstelling bijgewoond in De Maagd in Bergen op Zoom). En absurde plezanterieën uithalen bij de (hij/zij) bakker is ook al geen toonbeeld van ‘echt’ contact.
Gek, maar in die wereld voel ik me… thuis (rap, een jingle).
Ook in Het Uur Van De Prutser worden die typische aspecten fijn belicht/uitgespeeld. Het hergebruik van ideeën, tics en trucs valt nauwelijks op, laat staan dat het stoort, omdat meneerke Helsen het zo geniaal en charmant verpakt. Of misschien is het omdat hij vooral niet zijn best doet om verlichting -grappen en grollen en zo- te brengen in dat kutleven waarvan hij de essentie intro-gewijs in ons smoelbakkes keilt. En geen bezoek aan de bakker, rare conversatie met die bakkermans of vertakking naar andere werelden die helpt. Desondanks (oh, ironie) toch meer dan gebulderd, geschaterd en glimlachend genoten.
Kortom: geen prutser, maar een STER.
Geniet van een fragment van zijn vorige show:
Maart, en ‘t is al september (Borduren met Pooh)
Een klein jaar geleden kon ik het resultaat van 10 jaar werk tonen (6 maanden op mijn geborduurde Winnie-the-Pooh kalender). Daarna ging het betrekkelijk vlot naar juli en heel snel naar augustus.
Door mijn gedwongen thuisrust (rug) heb ik op enkele dagen tijd nu ook september afgewerkt. Wow, 3 mndn op <1 jr. Ian zal content zijn!
Ter info: waar het een goede borduurder ook niet aan mag ontbreken, is een borduurschaartje. Dit mooie exemplaar kreeg ik ooit van mijn lieve, creatieve vrouw.
(kon zij zich een nog mooier, nieuw aanschaffen)
Alle dagen dinsdagland
Verhalenbundels zijn niet helemaal aan mij besteed. Verhulst (Dimitri) wel. Dus las ik zijn verhalenbundel over belgenland, Dinsdagland.
Het bevat bijna als vanzelfs pre-schetsen van het naturalistische landschap van De Helaasheid Der Dingen (en wat ook mag beweerd worden, het zijn buitengewoon tedere portretten). Het meeste plezier beleefde ik nochtans aan de verhalen die niet aan deze marginalistische leefwereld refereren. Gaande van glimlachen en grijnzen tot hier en daar een zachte bulderlach. Wat een onwerkelijke pen en taalgevoel heeft deze man toch. Maar ook het pointillistische detail waaraan de schrijfsels schijnbaar achteloos onderworpen worden, valt niet te onderschatten.
En geen duif, duivenmelker, stuk coureur, zondagsdanser, loze bedevaarder, kantieke schoolmeester en zo meer ontsnapt aan zijn observatieve pen. Zelfs niet de finesses van de kaatssport!
Voilà, weer wat ontstapeld (na de vertering van Het Leven Van Pi).
Druk in Leuven (en ‘t duurde lang ook)
Het halfjaarlijkse bezoek bij ons favoriete team, de multigedisciplineerde begeleiders van onze Duchenne-man (alweer 7 jaar oud), was weer druk. Veel te doen, amai. En een volle 3 uur ‘gekampeerd’ in Gasthuisberg.
Alles in orde, met zelfs een energetisch overschot. En wij geloven nog altijd niet dat dat alleen aan zijn 3 dagelijkse pilletjes Calcort ligt. Sinds het einde van zijn herkleutering en de zekerheid dat hij naar ‘t eerste mocht, is hij gewoon compleet opengebloeid. Het effect van de Calcort is daar natuurlijk wel bij gekomen (op hetzelfde moment gestart).
Hij is weer getest (vooral kinesimatisch), en goedbevonden (ook de rek op zijn achillespees). We hebben de kiné besproken (aan huis of niet, veranderen of niet), het VAPH-dossier (enfin, ze gaan dat eindelijk in orde brengen, hopen we), gepocht dat onze apotheker wèl Calcort levert (we zouden zogezegd nooit zo iemand vinden), de nodige attesten gekregen (voor aanvraag van een Tripp-Trapp voor de school).
Ons kampement duurde wat langer omdat zijn benen, mits gipsconstructies, werden opgemeten om nieuwe ‘botjes’ (officieel: rijglaarsjes) te laten maken bij het CTO. Zijn huidige knellen en hij wordt er brullend wakker van, na een uur of 2. Hij heeft een ander motief gekozen (iets met auto’s en vliegtuigen) en groen als kleur voor het leder. Voor de huidige, zie hier.
En sinds een tijdje heeft hij zijn eigen driewielerfiets. Zo kan hij leuk meedoen aan fietsactiviteiten op school bvb.
Loving Facebook, Hating Facebook
Pablo Zarate made a clear statement. Capo wrote about it. I’m getting bored with it. And here’s 25 reasons not to love it:
I don’t agree on every single reason, but certainly on a majority.
So let’s be trendy (for once) and:
- Get rid of unused friends
- Keep professional contacts at LinkedIn
- Don’t accept silly requests or things getting thrown
- Bluntly… defriend (I will start with people that don’t even respond to a personal e-card for their birthday. I just hate that!)
Okay, maybe my virtual network will look as friendless as my real life network :-(. But I will surely feel relieved and de-stressed :-).
Let’s use it pragmatically to keep informed of:
- Real messages of real friends
- Real friends’ birthdays
- Events of bands/groups/subjects of interest
- Worthwhile causes
Suikerspin (kleverig opgewonden intriges)
Ik kwam Erik Vlaminck in mijn leesleven al tegen als de auteur van de 6-delige familieschets, Het Schismatieke Schrijven. En zijn verschijning in Iets Met Boeken (Samen met Arthur Japin) werd de ultieme aansporing om eindelijk diens nieuwste, Suikerspin, te lezen.
Enfin, waar TV af en toe dus goed voor kan zijn.
Doorheen de ontrafeling van een familiegeschiedenis kijk je naar de ontrafeling van een milieu, een inkijk in de wereld en de geschiedenis van de kermis en zijn ‘forains’. Over een kermisleven als een Kinderdroom, een (voormalige) topattractie. Over ‘fenomenen’ zoals zwarte zeemonsters, baardvrouwen, dwergen, een siamese tweeling. Over Jean-Baptist en Anna (van Henri), de generaties Albert, Arthur en Tony (Eigenlijk Antoine, want ‘t moest met een “A” beginnen om de autobus niet te moeten overschilderen).
De opbouw en afwikkeling is een literaire detective waardig. Niet om te ontdekken ‘whodunit’, maar om gaandeweg te vernemen wie, waar en wanneer welke rol had in die kermisgeneraties. De sprongen heen en weer door de tijd (maar uiteindelijk toch van Coppi naar Merckx naar Boonen) zorgen dat uiteindelijk geen geheim meer overeind blijft (voor de lezer althans). Tot in de laatste paragrafen, zinnen, woorden, klanken worden puzzelstukjes van onder de mat gehaald om hun rechtmatige plaats in de totaalgeschiedenis te krijgen. In die schitterende, volkse taalvorm. Veel gezever en wijven zijn crapuleuze serpenten. En Tony zijn Hollandse pothoer, en de wulpsheid in haar hete lijf.
Naar mijn mening is dit pareltje van Erik Vlaminck nog beter dan de verhaling van zijn persoonlijke, schismatieke familiegeschiedenis. Waar je door de ontrafeling van zijn persoonlijke familiegeschiedenis deelachtig wordt aan de ontrafeling van een regio, een land. Schets van Vlaanderen, van België. Voeg dat gerust toe aan Claus, Lanoye en Van den Broeck, die telkens andere facetten en tijdperken belichtten.
1999 In onze boekenwinkel (toen in Diest) komt een ietwat slungelig figuur ietwat gecrispeerd vragen waarom zijn boek niet in de winkel ligt, of we daar nog niet van gehoord hebben, dat het over Diest gaat, enz. Van een echt gesprek was geen sprake. Laat staan dat we wisten wie Erik Vlaminck was. Terecht, weet ik intussen, was hij misnoegd.
Nu ook op de longlist van de Libris! Omdat deze schrijver, met zijn unieke stem als chroniquer van levensverhalen niet meer over het hoofd kan gezien worden. Mochten wij nog een winkel hebben, amai, ik wist het wel.
Noot bij al dat opgezochte werk: kunnen schrijvers niet gewoon hun fantasie gebruiken om hun boeken te schrijven? Nooit geweten dat daar papieren van de burgerlijke stand voor nodig waren.
In ‘t zicht, maar onbemind
Bij het inladen van In ‘t Gezicht, de nieve van Axl Peleman, kon onzen aaiTunes de titelkes niet vinden.
En op zoene moment besefte toch weer dat diene gast echt wel een beetje extra aandacht verdient.
Omdat hij zelf zoe’ne schat is, maar (vooral) voor zen pareltjes van luisterliedjes, met een giga-assortiment aan door emzelf gespeelde instrumenten en overgoten met zijn zalig sappig Antwaarps. Met op tijd en stond een goede cover, de geschikte medezangeressen, zoals daar zijn die rosse van Kzoveel en de immer beminnelijke Eva De Roovere, en deelname van nog ander gezellig volk, type Wim Opbrouck.
Hemels zwevend tussen nederpop en kleinkunst, zoals mister teddybeer het al voordeed op zijn vorige, Dagget Wet (“dat je het weet” voor de anderstaligen). En de cover daarop, Pa, krijgt hier een waardig vervolg in Als Je Wint. Dus, gebruikt a hersens, en koopt die plôtjes.
Hearing after seeing, music from Ionic Vision
I previously expressed how I was intrigued by finding that a colleague is the singer (and synth fanatic) of Ionic Vision, a Belgian EBM band. Especially as this (music) goes back to my blackened youth.
And I couldn’t let go. Wanted to dig deeper, have a better understanding of Ionic Vision (my alternative mind fighting my conformist life). So ‘hearing’ followed Vision, ionically, so to say. Inspired by an interview. Advised to check out Bitter Isolation (2008), at the crossroad of 16 years of path finding. Though I love the title Rage Against The Acoustic more.
It starts with an insect attack. The overall tempo is up and dynamic. Your body forced into high-frequency mode. Accelerations of the heart. All of this being reinforced by the continuous stream of songs. Then… suddenly, unexpected, a revealing spark of lightness. M. Manson-like ironicism. The glimpse of melodies. Ionic Vision certainly transcends the (recognizable) influences with a new and organic mixture. Pumping hydraulics. Hissing pneumatics. Pounding machinery.
I know that the sound of the bea(s)t is targeted, but in my opinion some lyrics and melodies are worthwhile spitting them out more… ironically, maybe de-humanised. Sometimes the grunting is just… heavy. But probably attractive to many others. I sense room for experiment. More (Ionic?) lightness, of singing, of instruments, of more… Gag.
Go see for yourself at iTunes. Find the omnipresent chair!



