Challenging Sprint Retrospectives

An essential question in the use of Scrum seems to be “How can we make our Retrospectives more fun?“.

i-wonderIt makes me wonder. It makes me wonder about the value of engagement, human energy and bottom-up inspiration. It makes me wonder because Done Increments are at the heart of the empiricism and the agility of Scrum.

If Scrum was to be reduced to one purpose, and one purpose only, that is the creation of a Done Increment in a Sprint.

So few teams are able to actually deliver releasable versions of product, Sprint after Sprint after Sprint. And certainly when delivering product with multiple teams.

Understanding that Scrum Masters are all about helping teams and organizations understanding and enacting Scrum, following might be a great way to start your next Sprint Retrospectives:

  • Scrum Master: “Have we delivered a Done, releasable version of product this Sprint?”
  • Team: “No.”
  • Scrum Master: “What can we do about that?”

How is that to kick off a professionally challenging and fun Sprint Retrospective? How is that to initiate a deep reflection on improvements that will help teams and the organization get more out of employing Scrum? How is that as a start for some fun experiments in the next Sprint?

Committed, connected and engaged people might consider:

  • Increased effectiveness through collaboration, autonomy & self-organization
  • Skills & knowledge sharing (training, communities)
  • Engineering practices & standards
  • Infrastructure, tooling & automation
  • Quality standards & guidelines
  • Removal of Impediments
  • Elimination of low value (requirements, projects)

I wish you fierce, focused and purposeful Sprint Retrospectives. It’ll be seriously fun. Fun and purpose go hand in hand.

A simple framework for complex product delivery (in 3 minutes)

verheyen-gunther-scrum-a-pocket-guide-2016By the end of November 2016 the 5th re-print of my book “Scrum – A Pocket Guide” will be available, with a re-designed cover.

I wanted my book to reflect the simplicity of Scrum, a simple framework for complex product delivery.

As part of this re-print my publisher Van Haren Publishing kindly asked me to create a short video introduction to Scrum, of preferably no more than 3 minutes. The time constraint helped me focus. It helped me keeping it simple, just like Scrum.

What I say in the video was based upon following prepared text:

Scrum is a simple framework for complex product delivery.

1/ Scrum has been around for a while. It was officially introduced to the general public in 1995. Since then, as more and more people, teams and organizations started using Scrum, Scrum became the most adopted method for agile product delivery. At the same time, Scrum grew lighter and lighter, thereby, in a way becoming less and less complete and ‘perfect’. Prescribed practices and techniques were gradually removed from the official definition of Scrum, The Scrum Guide. Scrum turned into the framework it was always designed to be, a framework upon which people devise their own solutions, create their own working process. A Product Owner brings product ideas to a Development Team. No later than by the end of a Sprint the team turns these ideas into releasable versions of product. Sprints take no more than 4 weeks, and are often shorter. The Scrum Master creates and fosters an environment for such self-organised and creative collaboration to happen.

Scrum is a simple framework for complex product delivery.

2/ Scrum not only restores simplicity, Scrum brings empirical process control. All elements of Scrum support the process of regular inspection and adaptation. Empiricism is the way for people, teams and organisations to deal with the complexity, uncertainty and unpredictability typical to product development. The Scrum events set the frequency of the inspection and adaptation process. The artefacts provide transparency to all information required. As all waste has already been removed from Scrum, the framework is highly cohesive. Every element has a clear ‘why’, a clear purpose. Omitting any core elements breaks the cohesion, and is likely to cover up existing problems and impede the transparency required to continuously adapt, to be agile.

3/ Scrum, when employed well, allows a continual discovery of what is possible, what is not, of what works, what doesn’t work. Throughout this journey of discovery, the value of the work done is incrementally optimised. Product is regularly delivered to the market. It is extremely helpful to have a simple, yet proficient, tool like Scrum in highly unstable circumstances.

4/ Employing Scrum is a journey in itself. Mastering Scrum takes practice and time.

A simple framework for complex product delivery (in 100 pages)

From March to June 2013 I created the book “Scrum – A Pocket Guide (A Smart Travel Companion)” for Van Haren Publishing (Netherlands). Although I had already written much about Scrum, it was really, really hard work. I wanted the book to be about its subject, not its writer. I wanted the book to be concise, yet complete. I wanted the book to reflect the simplicity of Scrum, in its appearance, tone, language, expressions, sentences.

Since its initial publication (November 2013) my pocket guide to Scrum was re-printed 3 times (January 2014, June 2014, November 2015). In April 2016 my Dutch translation was published as “Scrum Wegwijzer (Een kompas voor de bewuste reiziger)”. And two friends of Scrum are currently going through the really, really hard work of creating a German version, which will probably be named “Scrum Taschenbuch” and be available in 2017. And somewhere along the road I experimented with setting up a Facebook page for my book.

This is beyond any expectation I might have had handing in the first manuscript half way through 2013. I am totally humbled, and sometimes overwhelmed, by the continual appreciation of the book’s buyers and readers.

verheyen-gunther-scrum-a-pocket-guide-2016I want to share that a 5th print of the English version is on its way (end November 2016), holding a NEW COVER. The content of the book hasn’t changed. I was fortunate to have described the Scrum Values already in my book. The only change was the update to my personal history, as is also reflected on my website.

Thank you, readers. Thank you, publisher. Thank you, fellow Scrum Caretakers!

To support the update of my book, my publisher asked me to do a 3-minutes introduction to Scrum, a simple framework for complex product delivery. The time constraint helped me to keep it simple, just like Scrum.

Aan het einde van de kim, (de) WIL. Onbereikbaar?

olyslaegers-jeroen-wilWIL brengt ons het levensverhaal van de genaamde Wils, Wilfried, Antwerpenaar. Zijn levensverhaal wordt volledig overschaduwd door WO II, toen Wils en zijn kameraad Lode hulpagent waren in Antwerpen. Zeker wat Wils betrof, was dit een opportunistische arbeidskeuze. Zo kon hij ontsnappen aan de verplichte arbeid in Duitsland. Het ambiguë gevolg was dan wel dat hij geacht werd andere arbeidsonwilligen in de kraag te vatten. En erger.

Alhoewel Wils heimelijk eigenlijk het serieuze dichterschap ambieert, lijkt zijn voornaamste talent te zijn: overleven. Ambitieloos schippert hij tussen oorlog en vrede, tussen bezetter en verzet, tussen participatie en onthouding, tussen Duitsers en Joden, tussen werkplicht en razzia’s, tussen smeerlap en behager.

De genaamde Jeroen Olyslaegers, getalenteerd schrijver, laat Wilfried Wils, overgrootvader intussen, vandaag zijn verhaal brengen in een indrukwekkende terugblik van zo’n slordige 300 pagina’s. Wils blikt terug op zijn leven, zijn huwelijk, de oorlogsperiode en het leven erna, alhoewel de schaduw van de oorlog veel, zoniet alles, bepaalt. Alsof de klok haar tikken stopte rond ’45. De lezer leert Wilfried Wils kennen als een man die zijn wil wil doen gelden, daar glorieus in faalt, herhaaldelijk, overleeft en voortkrabbelt, herhaaldelijk.

Jeroen Olyslaegers brengt ons met WIL een indringend onderzoek naar de zucht naar normaliteit, het stilzwijgende verlangen om steeds weer zo snel mogelijk, wat er ook gebeurt, over te gaan tot de orde van de dag. Jeroen schetst ons de veranderende gezichten van een stad tijdens de bezetting, het dagelijks leven in een bezette stad, in straten en verdonkerde huizen vergeven van de normaalzucht, ver weg van prozaïsche helden vs. verachtelijke misdadigers. De stad zelf krijgt daarin een eigen stem, terwijl er door haar bevolking meer wordt gezwegen dan gepraat, in de illusie dat dan alles snel weer normaal zal worden. Zwijgen en normaalzucht gaan er hand in hand, in het bezette leven in deze bezette stad.

Genadeloos toont de schrijver ons het laffe zwijgen, en het verdoken verraad dat erin verscholen ligt. Maar de auteur vergoelijkt, oordeelt noch veroordeelt, alsof ook hij over en weer geslingerd wordt tussen de liefde voor de mens, geportretteerd in zijn personages, en de afschuw voor hun daden, alsof ook hij weet dat de grens tussen lafheid en slechtheid moeilijk te trekken is, alhoewel ze wel bestaat. We worden mede-verstekelingen op de schepen genaamd “Leven”, de oceaanstomer genaamd “Maatschappij”. Verstoken van overtuigingen die kunnen uitgesproken worden. We worden allen stilzwijgende neutralen. Toch neemt WIL ons mee tot voorbij het punt waar zwijgen nog een optie is.

Stilte is in zekere zin, en in meerdere lagen, ook de grote kracht van WIL. Zoals we van hem gewend zijn, hanteert Jeroen een overweldigende en rijke taal in WIL, en daarenboven een prachtig Vlaams dat netjes laveert tussen gesproken klank en geschreven inkt, tussen stedelijk volks en verheven poëticaal. Jeroen staat, bij mij alvast, bekend vanwege een stevige overdrive en overdaad, in beelden, in drukte, in woorden. Wel, in WIL is zijn taal nog steeds mooi en rijk, maar blijft hij weg van zijn over-taal. Hij laat de gebeurtenissen, vaak in alle gruwelijkheid, voor zich spreken. Er komt geen onnodig gemoraliseer aan te pas, geen gedramatiseer. Net daarom is het zo’n kopstoot. Wils brengt het verhaal, Olyslaegers is onthecht. Net daarom komen de beschreven gebeurtenissen zo hard binnen. De horror en de gruwel komen onversneden tot de lezer. Maar de schrijvende schepper stelt zich oordeelloos op. Hij zoekt geen excuses, maar gedraagt zich ook niet als rechter.

Het is niet moeilijk de link te zien met hedendaagse thema’s en burgemeesters, maatschappelijk engagement, migratie en vreemden, politieke en andere retoriek, het neo-populisme. Dat is een sterk (s)taaltje, teksten schrijven gebaseerd op een mid-vorige eeuwse periode zodat lezing ervan ook vandaag relevant is. Misschien ook wel beangstigend. Sommige passages kunnen letterlijk, zonder één letter te wijzigen, hergebruikt worden in het Antwerpen en Vlaanderen anno 2016. Voorwaar. WIL is echter geen simplistisch pamflet, het bevat geen lineaire zwart-wit meningen of oordelen, maar toont ons de complexe inter-menselijkheid achter -soms bijzonder gruwelijke- feiten. WIL toont de vele facetten van de diamant, het steentje, de illusie genaamd “waarheid”.

Er is de WIL tot Macht. Er is de onWIL tot spreken. De WIL van de angst en de wrok, voor de Ander, de WIL tot het Grote Zwijgen. En er is WIL van Jeroen Olyslaegers. Verder heb ik zelf geen mening, doe ik er liever het zwijgen toe. Per slot van rekening heb ik hier niet voor gestudeerd, en zijn het mijn zaken niet, de literatuur. En laat me dan ook maar voorbij gaan aan de gigantische hoeveelheden research die dit boek duidelijk gekost hebben.

Evidenter is het om te genieten van de prachtige cover. Gestileerd, dreigend. De sfeer van een bezette stad, de herinnering aan de cover van Bezette Stad van die andere Antwerpenaar, de dichter Van Ostaijen. En cinema uit het interbellum, signatuur Fritz Lang en co.

van-ostaijen-paul-bezette-stadmetropolis-movie-posterm-movie-poster

Ik begrijp dat de ware literatici veelvuldig verwijzen naar Claus, Boon en andere grootheden. Dat is helemaal terecht, omdat WIL in een grootse literaire traditie thuishoort, maar niet omdat het een afkooksel of kopie is van. Een loutere vergelijking doet allen tekort. WIL is vintage Olyslaegers, een gigant op zich, die zijn stem verder heeft ontwikkeld, in beheersing. Vintage de nieuwe Olyslaegers, die net is opgestaan.

Ik kijk en zie. Aan het einde van de kim, de incarnatie van Angelo. De diamanten gevonden. Achterin de kast, inderdaad.

Dank je, Jeroen.

img_3247Vanwege
de Man op de Foto

Thoughts on procurement, buyers and alike

I have spent most of the 24-years of my professional life in IT, consulting and software development. Maybe that is long enough to have and share my stance on procurement, buyers and alike practices.

Every organisation has the right to not work with me.

Every organisation has the right to deem the value potentially realised through our collaboration as insufficient.

Every organisation should absolutely consider the return expected on spending money on my expertise, skills and effort. Even if the consequence is to not work with me.

My observations indicate that the commonly applied strategies by procurement, buyers and alike are different. Common practice is to belittle my expertise, change the estimates on the work needed and blindly cut my proposed day rate.

I have no sales machine to counter such strategies. Fortunately, as that would just maintain the ridicule. I do preserve the right to push back, regardless the impact on any chances to collaborate. I preserve the right to not being treated like a discountable commodity. We probably have very different definitions in mind when this is labeled as “not professional”.

Personally, I would rather starve (so to speak) than give in to the humiliating and belittling line of approach commonly seen in sales and buying procedures.

Warm regards
Gunther

ps. Thank you for caring, but that ‘starving’ part was intended figuratively. There are plenty of good folks out there that, somewhat surprisingly maybe, do want to properly partner with me.

Inclusie in het onderwijs. Het kan!

(Open dankwoord aan het KA Ekeren)

Onze oudste zoon heeft de ziekte van Duchenne. Duchenne is een progressieve spieraandoening. Het Riziv voegde Duchenne recent toe aan een lijst met 40 ernstige ziektes waarvoor medicatie en nieuwe behandelingen het dringendste nodig zijn.

Onze zoon doet het gezien zijn fysieke beperking relatief goed. Hij wordt binnenkort 15 jaar, en is slechts gedeeltelijk rolstoelafhankelijk.

In 2014 maakte hij de overstap naar de middelbare school. Al in 2012, op aanraden van onze thuisbegeleiding, gingen we scholen in de bredere omgeving bezoeken. Over de jaren heen hebben we antennetjes ontwikkeld die gericht zijn op ‘openheid’, een intuïtief gevoel of het gaat klikken. Tot onze scha en groot verdriet hebben we moeten leren ondervinden dat een overdreven hang naar duidelijke “afspraken” vaak maar een excuus vormen om regelrechte onwil te verbergen.

Uiteindelijk was het toch nog een last-minute beslissing, maar nu, 2 jaar later, kijken we toch met grote tevredenheid en dankbaarheid terug op onze keuze voor het Koninklijk Atheneum Ekeren.

KA Ekeren logoOnze zoon is net begonnen aan zijn derde middelbaar (keuze voor Humane Wetenschappen), en de voorbije week was goed, gewoon echt goed. Samen met de thuisbegeleidster ben ik op een bijzondere klassenraad over onze zoon gaan spreken; over zijn aandoening, bijzondere aandachtspunten, specifieke problemen. Over de klasgrenzen heen heeft hij vrienden, wordt hij geholpen met zijn rolstoel. Voor uitstappen en GWPs vinden we steeds in overleg oplossingen. Drie tot vier keer per jaar komen we formeel samen om te bespreken waar we staan. In de lessen LO wordt hij gewaardeerd en aangemoedigd voor zijn inzet, zijn pogingen, zijn wil. (Ter info. Soms horen we horrorverhalen van leerkrachten LO die vasthouden aan het principe dat er geen uitzondering mag gemaakt worden in prestatieverwachting van kinderen met een beperking. Brrr).

Het is een plezier om, als ouder van een kind met een ernstige beperking, de warmte, de openheid, de creativiteit en de goodwill te mogen ervaren van zijn school, zijn directie, zijn lerarengroep. En het is nog dicht bij huis ook…

Zo kan het dus ook!  F A N T A S T I S C H.

Nen dikke merci aan de school, en aan zijn voorbije en toekomende leerkrachten.

Groet
Gunther & Natascha

Scouts Kapellen weigeren verlenging lidmaatschap vanwege rolstoel

(Open brief gericht aan eenieder die het zich aantrekt)

Onze oudste zoon heeft de ziekte van Duchenne. Duchenne is een progressieve spieraandoening. Het Riziv voegde Duchenne recent toe aan een lijst met 40 ernstige ziektes waarvoor medicatie en nieuwe behandelingen het dringendste nodig zijn.

Onze zoon doet het gezien zijn fysieke beperking relatief goed. Hij wordt binnenkort 15 jaar, en is slechts gedeeltelijk rolstoelafhankelijk.

Onze zoon is reeds 8 jaar overtuigd lid van de scoutsbeweging. Hij heeft er vele vrienden, ligt goed in de groep, wordt er goed opgevangen door zijn vrienden en neemt in de mate van het mogelijke deel aan geplande activiteiten. Zijn totem is niet toevallig “Graaggeziene Kauw”.

Vandaag, zaterdag 3 september, start het nieuwe jaar van zijn scoutsgroep.

Scouts Kapellen weigert jongere verder lidmaatschap vanwege handicapGisteren, vrijdag 2 september, kregen wij echter een mail van zijn groeps- en takleiding dat hij niet meer welkom is. Dit was een schok voor ons en onze zoon. Onze eerdere, herhaalde vragen rond contact voor het nieuwe scoutsjaar bleven onbeantwoord. Er vond geen gesprek plaats. Er is geen opgave van reden. Enkel de eenzijdige mededeling “dat wij het als leidingsploeg niet zien zitten om dit extra engagement aan te gaan.”

Onze zoon is er het hart van in. Hier wordt diep in zijn sociaal weefsel gesneden, en in dat van ons gezin. Hij krijgt een schuldgevoel aangemeten voor zijn beperking, het label dat hij enkel een last is. Hij wordt vanwege zijn beperking richting isolatie geduwd. Vanwege een spierziekte waar hij ook niet voor gekozen heeft.

Wij hebben het raden naar het waarom. Zijn fysieke toestand is niet gewijzigd. Wij vragen niet dat hij aan alle activiteiten kan meedoen. Buiten één enkel misverstand zijn er in al die jaren geen problemen geweest. Er is nooit extra werk geweest. Er zijn geen bijzondere aanpassingen gevraagd. Wij hebben het raden naar het waarom. Wij hebben het raden naar de definitie van dat ‘extra engagement’ dat plots niet meer haalbaar is. Met de rolstoel rijden? Want naar te fysieke vergaderingen gaat hij niet. Op kamp mocht hij het laatste jaar ook niet.

Een slapeloze nacht verder. Vandaag begint het nieuwe scoutsjaar. De muur van stilzwijgen dwingt ons om het publieke forum op te zoeken, om daden te vragen en geen mooie websiteverklaringen van de betrokken scoutsgroep van Kapellen (“leren delen”, “verdraagzaamheid”, “niemand uitgesloten”), van het overkoepelende Verbond van Scouts en Gidsen Vlaanderen en van de jeugddienst van de gemeente Kapellen. Bij het Verbond bvb. vinden we geen duidelijke visie terug rond inclusie van kinderen met een fysieke beperking. Jammer, want met de Akaba-werking hebben zij een fantastische opzet voor kinderen met een mentale beperking. Onze tweede zoon, die het syndroom van Down heeft, is al verscheidene jaren enthousiast lid. Maar inclusie van kinderen met een fysieke beperking?

En hoe staat u tegenover deze discriminatie en uitsluiting? Voel je het verdriet, de ontgoocheling van onze zoon? Deel je onze verontwaardiging? DEEL DAN DIT BERICHT.

Laat weten dat mensen met een beperking rechten hebben, dat discriminatie van mindervaliden niet in onze wereld past, niet in de 21e eeuw, niet in de jeugdbeweging, nergens. Laat weten dat het door België in 2009 geratificeerde “Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap” van de Verenigde Naties (2006) geen dode letter mag blijven.

Scoutsgroet
Gunther & Natascha