De fik erin

Net nadat ik het op vakantie had gelezen (augustus 2012), kwam het op de longlist voor de Ako literatuurprijs 2012 terecht!

Erik Vlaminck met Brandlucht

(de genomineerde werken van Herman Brusselmans, “Watervrees Tijdens Een Verdrinking“, en Elvis Peeters, “Dinsdag“, las ik ook intussen. Stefan Brijs met Post Voor Mevrouw Bromley wacht. De ‘winnaar’ werd Peter Terrin met Post Mortem.)

In Brandlucht komt de lezer terecht in een duivenkot van emoties. Erik Vlaminck gebruikt de setting van een gemengd Nederlands-Belgisch huwelijk op Canadees grondgebied om een taalregister aan Vlaamse uitdrukkingen boven te halen en te plaatsen tegen een achtergrond van Algemeen Nederlands, zonder beide tekort te doen.

Ik ben liefhebber van het literair werk van Erik Vlaminck. Geworden. Nadat ik het zesluik ‘Het Schismatieke Schrijven’ verorberde, waarin de auteur aan de hand van familiegebeurtenissen en andere persoonlijke verhalen op een geweldige manier de geschiedenis van een land (België) en zijn inwoners van -pakweg- de voorbije 80 jaar in beeld brengt. In de opvolger ‘Suikerspin‘ brengt hij aan de hand van het kermisleven op een boeiende wijze enkele generaties in beeld.

Research en historisch opzoekwerk lijken wel zo’n beetje de tweede natuur van Vlaminck geworden. Niet dat het stoort, integendeel, je merkt er niks van tijdens het lezen. En het is net die natuurlijke gang van zaken in zijn verhalen die aantoont dat hij het zo goed deed, maar vooral ook voortreffelijk verwerkte in de uiteindelijke mix.

Voor ‘Brandlucht’ is Vlaminck opnieuw naar Canada getrokken, de regio die hij al bezocht en gebruikt had voor het deel ‘Stanny, Een Stil Leven’ uit zijn schismatieke reeks. In dat deel belichtte hij aan de hand van een gevluchtte ‘zwarte’ uit de tweede wereldoorlog al heel subtiel de complexiteit van de collaboratie. De lokale kolonie van lage-landers in Canada moet hem opgevallen zijn, want deze nieuwe roman is aan hen gewijd.

En weer brengt Vlaminck een erg complexe materie tot leven. Aan de hand van een aantal in de tijd gespreide fragmenten weeft Vlaminck een totaalbeeld van enkele generaties overblijvenden van een vlucht naar Canada. We krijgen het verhaal van de Nederlandse Mina die er vanuit Zundert eerder ongelukkig terecht komt, maar het geluk vindt als ze er de Belg Tony Verkest ontmoet. Maar erg gelukkig blijkt dat huwelijk niet, en dat kom je mondjesmaat te weten, onder andere door de ogen van dochter Elly.

Maar er is meer dan het ongelukkig huwelijk en een gebroken gezin, tegen de achtergrond van ontheemding en hele gemeenchappen die zwelgen in nostalgie naar het geboorteland; nostalgie in taalgebruik, eten en drinken, folklore zoals de duivensport en de wielerkoers, en feesten. Langzaam wordt je als lezer meegezogen naar de dieperik van gecompliceerde menselijke geesten en hun kronkels. Van Canada naar Geel en Oevel en weer terug. Langzaam verandert je morele perspectief, naarmate je meer plaatsen bezoekt waar de brandlucht overheerst. De zoektochten die mensen ondernemen naar de geheimen van vaders en de keuze van namen, die zelden iets anders opleveren dan ontregeling.

En elke nieuwe onthulling houdt een perspectiefwisseling in, en een bijstelling van eerdere morele oordelen of meningen. Zoals in ‘Stanny, Een Stil Leven’ toont Vlaminck levensecht aan dat niets absoluut of definitief is, dat achter elk verhaal een mens zit. Een verhaal dat soms is wat het werd door pijnlijk zwijgen.

Langzaam groeit ‘Brandlucht’ naar een ontknoping. Is het daarom een thriller? Op een bepaalde manier wel, maar mij maakte het niet uit, want ik heb van de eerste tot de laatste letter gesmuld, van de taal maar ook van het verhaal, van de onthullingen, de ontknopingen, en de menselijke verbijstering de Vlaminck zo treffend en meeslepend schetst. Getroffen was ik tot in mijn diepste ik, door dit fenomeen, Brandlucht.

Suikerspin (kleverig opgewonden intriges)

erik-vlaminckIk kwam Erik Vlaminck in mijn leesleven al tegen als de auteur van de 6-delige familieschets, Het Schismatieke Schrijven. En zijn verschijning in Iets Met Boeken (Samen met Arthur Japin) werd de ultieme aansporing om eindelijk diens nieuwste, Suikerspin, te lezen.

Enfin, waar TV af en toe dus goed voor kan zijn.

erik-vlaminck-suikerspinDoorheen de ontrafeling van een familiegeschiedenis kijk je naar de ontrafeling van een milieu, een inkijk in de wereld en de geschiedenis van de kermis en zijn ‘forains’. Over een kermisleven als een Kinderdroom, een (voormalige) topattractie. Over ‘fenomenen’ zoals zwarte zeemonsters, baardvrouwen, dwergen, een siamese tweeling. Over Jean-Baptist en Anna (van Henri), de generaties Albert, Arthur en Tony (Eigenlijk Antoine, want ‘t moest met een “A” beginnen om de autobus niet te moeten overschilderen).

De opbouw en afwikkeling is een literaire detective waardig. Niet om te ontdekken ‘whodunit’, maar om gaandeweg te vernemen wie, waar en wanneer welke rol had in die kermisgeneraties. De sprongen heen en weer door de tijd (maar uiteindelijk toch van Coppi naar Merckx naar Boonen) zorgen dat uiteindelijk  geen geheim meer overeind blijft (voor de lezer althans). Tot in de laatste paragrafen, zinnen, woorden, klanken worden puzzelstukjes van onder de mat gehaald om hun rechtmatige plaats in de totaalgeschiedenis te krijgen. In die schitterende, volkse taalvorm. Veel gezever en wijven zijn crapuleuze serpenten. En Tony zijn Hollandse pothoer, en de wulpsheid in haar hete lijf.

Naar mijn mening is dit pareltje van Erik Vlaminck nog beter dan de verhaling van zijn persoonlijke, schismatieke familiegeschiedenis. Waar je door de ontrafeling van zijn persoonlijke familiegeschiedenis deelachtig wordt aan de ontrafeling van een regio, een land. Schets van Vlaanderen, van België. Voeg dat gerust toe aan Claus, Lanoye en Van den Broeck, die telkens andere facetten en tijdperken belichtten.

1999 In onze boekenwinkel (toen in Diest) komt een ietwat slungelig figuur ietwat gecrispeerd vragen waarom zijn boek niet in de winkel ligt, of we daar nog niet van gehoord hebben, dat het over Diest gaat, enz. Van een echt gesprek was geen sprake. Laat staan dat we wisten wie Erik Vlaminck was. Terecht, weet ik intussen, was hij misnoegd.

Nu ook op de longlist van de Libris! Omdat deze schrijver, met zijn unieke stem als chroniquer van levensverhalen niet meer over het hoofd kan gezien worden. Mochten wij nog een winkel hebben, amai, ik wist het wel.

Noot bij al dat opgezochte werk: kunnen schrijvers niet gewoon hun fantasie gebruiken om hun boeken te schrijven? Nooit geweten dat daar papieren van de burgerlijke stand voor nodig waren.