Posted on Leave a comment

Trotse Sponsor van de U13 Voetbalmeisjes van K. Noorse S.V.

U13 Geel van De Noorse in hun nieuwe club sweaters

Enkele jaren geleden gaf onze dochter aan dat ze graag voetbal wilde spelen. Dat was op zich een verrassing omdat het spelletje haar (in tegenstelling tot haar oudste broer) totaal niet bezig hield of zelfs maar enigszins interesseerde. Ze volgde het niet. Ze keek het niet. Nergens niet. Nooit. Omdat het menens leek en het dat ook bleef, gingen we op zoek naar een club die ook een meisjeswerking had. Daar moesten we, enigszins tot onze verrassing, niet al te ver voor gaan zoeken. Bij de De Koninklijke Noorse Sportvereniging kwam onze dochter in een groep van nieuwe U11 speelsters terecht (‘Under 11’).

Intussen is ze al aan haar 3e seizoen bezig, alhoewel het spelletje haar verder nog steeds niet bezig houdt of zelfs maar enigszins interesseert (nog steeds in tegenstelling tot haar oudste broer). Ze volgt het nog steeds niet. Ze kijkt het nog steeds niet. Nergens niet. Nooit. Maar ze speelt het dus wel en ze doet dat goed en met veel inzet. Wij staan nu als typische ouders elke week ergens langs een zijlijn stilletjes te supporteren. Het leven neemt soms gekke wendingen, alhoewel er natuurlijk ergere dingen zijn dan voetbalouder te moeten zijn. En we staan ook stilletjes in bewondering voor de transformatie die ze telkens doormaakt als ze dat veld op stapt omdat ze (zoals ze zeggen) vol overtuiging ‘haar voet zet’.

Wat voor ons echter primeert zijn spelplezier en sportiviteit. Het gaat niet om competitie, winnen, de tegenstander vernederen of de meeste doelpunten scoren. Gelukkig zijn onze verwachtingen daarmee helemaal in lijn met de richtlijnen van het overkoepelende Voetbal Vlaanderen en het beleid van haar club De Noorse. Jammer genoeg moet je dan vaststellen dat er nog meer dan voldoende clubs, begeleiders, trainers en ouders zijn die hier anders over lijken te denken. Jammer genoeg leven er nog te veel mensen in de illusie dat sportprestaties op deze jonge leeftijd een voorafspiegeling zouden zijn van een of andere toekomstige sportcarrière. En ik ontsnap toch ook niet aan de bedenking dat er nog te veel ouders lijken te zijn die hun eigen onvolbrachte levensverwachtingen op een ongezonde wijze op hun kinderen projecteren, met blokkerende, huilende en instortende kinderen tot gevolg.

Wij herinneren ons levendig de eerste twee seizoenen van de U11 ploeg waar onze dochter deel van was en die–zoals gezegd–quasi volledig bestond uit nieuwe voetbalsters. Elke wedstrijd werden ze als het ware ingemaakt en dat was bepaald niet steeds door mooi voetballende tegenstanders. Gelukkig leed hun eigen spelplezier er niet te erg onder en bleven ze geduldig werken aan hun eigen technieken en inzichten. En dat heeft mooie resultaten opgeleverd. Intussen worden ze niet meer voortdurend ingepakt door forse tegenstandsters dankzij hun mooie samenspel. Naast spelplezier en sportiviteit halen wij dan ook veel voldoening uit de vaststelling dat het een prachtige vriendinnengroep is geworden.

Een prachtige vriendinnengroep

Trotse Sponsor

Toen de club verleden seizoen vergeefs op zoek bleef naar een sponsor voor de twee U13 meisjesploegen heb ik dan besloten om dit vanuit mijn éénmansbedrijfje Ullizee-Inc te doen, het bedrijfje dat ik graag omschrijf als het zakelijk vehikel voor de Scrum-diensten die ik aanbied.

Uiteindelijk is het belangrijk dat ze over goed materiaal kunnen beschikken en dat de club een degelijke werking kan blijven bieden, niet? Want uiteindelijk gaat het daar over voor mij, en niet over commerciële of marketingdoelen (zie “Money is important, but it is not what drives me“). Ik heb niet de verwachting dat mijn naam of de vermelding “Scrum” op de truitjes enige impact gaat hebben of me zakelijk veel voordeel zal opleveren.

Recent heeft de club nieuwe sweaters voor de meisjes gekocht met hun namen er op geprint, naast de gewone truitjes die ze reeds hadden. En daar hoorde natuurlijk een nieuwe ploegfoto bij, in een ernstige en in een gekke-bekken-versie. Ik ben oprecht trots als sponsor te mogen optreden en dit geweldig team te ondersteunen. En ik ben oprecht dankbaar voor de inspanningen, de inzet en de aanmoedigingen van trainer Raoul, afgevaardigde Peggy, iedereen binnen de De Noorse en (niet te vergeten) de collega-ouders.

Succes, meisjes! En–vooral–blijven genieten.

Posted on Leave a comment

En de midvoor, hij scoorde (ook in boeken)

Ik heb Jan Mulder nooit in het echt weten voetballen. Daarvoor ben (was) ik te jong. Hij dus te oud?

Het vormde geen beletsel om intens te genieten van zijn boek Chez Stans, waarin hij teder terugdenkt aan zijn overgang naar en 7-jarig verblijf bij Sporting Club Anderlecht. Centraal staan echter vooral de liefdevolle herinneringen die hij ophaalt, aan het kleurrijke en immer gezellige Brussel, de gemoedelijkheid, de kleurrijke personages, de specifieke lokaties, de autos, de vrouwen en… het voetbal.

In de eerste helft van Chez Stans speelt Jan mooie één-tweetjes uit tussen heden en verleden, Winschoten en Brussel. Later dribbelt de voetballer die hij was verbeten tegen de schrijver die hij werd. Hij (maar welke hij?) zou nochtans beter moeten weten. Mooiprater die hij was en is. Hij legt vaak een bochtig parcours af, brengt zijn lezer in de war met weer een dribbel, een draaibeweging die je even doet zoeken naar het juiste zicht op de situatie, op wie er spreekt, waar die verteller zich bevindt. Maar ik weet dus niet of dat ook zijn typische voetbalstijl was. Wegens te jong. Hij te oud? Erg opvallend is alleszins de openheid waarmee de aimabele heer spreekt over de romantiek in zijn voormalig voetballersbestaan, de vele liefdes, groot, klein, kort, lang, onverteerd, soms ongeconsumeerd, soms nabij, soms veraf. Voorbijgaand, zoals blessures, groot en klein.

Opvallende momenten, hilarisch of vertederend, zijn er in overvloed. Ik genoot erg van de verplaatsingen van het verre Winschoten over Breda, Wuustwezel, Antwerpen naar het geheuvelde Brussel, langs het paleis. Datzelfde paleis waar hij afsprak met een Nederlandse bondscoach, net op tijd om diens arrestatie te kunnen voorkomen. Of de geboorte van zijn zoon, Youri (niet: Yuri), en de liefdevolle kinderopvang die Jan en Johanna werd geboden. Prachtig is de beschrijving van de ontvangst van de notabelen van Anderlecht in zijn nederige thuis in het verre noord-Nederland, de dag dat het bedrag voor zijn aanwerving wordt meegedeeld.

Kortom, de staalharde voetbalanalyticus verschijnt hier als onderhoudend causeur, maar nog steeds scorende midvoor, een authentieke verteller die zijn taal ook prachtig doorspekt met Brussels en koetervlaams. En met de nodige, kromme voetballogica.

Aangrijpend vertelt hij van zijn noodzakelijk vertrek uit Anderlecht (zijn trots, weet u), en het afscheid van ‘zijn’ Brussel. Zou hij zich die middelvinger naar Kessler betreuren? Ik gok van niet. De overstap naar Ajax? Dat weet ik niet zeker, want uit dit boek spreekt zovele jaren later nog zoveel hunkering naar ‘zijn’ club (Anderlecht) en het Brussel van die vroege jaren 70 dat hij in Amsterdam nooit zo gelukkig kan geweest zijn. Of wel? Misschien komen we het wel te weten in een opvolger van Chez Stans.