Posted on Leave a comment

Re-vers-ify (re-imagine your Scrum to re-vers-ify your organization)

Agility is why organizations adopt Scrum.

Organizations suffer as they fail to act with agility through product releases, on the market, for users and consumers, facing competitors. Scrum is mandated and it is overlooked that the agility demonstrated outwardly also depends on the setup of internal structures.

Organisational rigidity is the result when people are separated in functional silos, when collaboration is instructed through hand-overs and governance, when go-see management is not practiced, when the daily work has no room for discontinuous innovation. Basically, such rigidity is the anti-thesis of Agile and impedes outward agility.

Scrum is a simple framework for complex product delivery. Scrum thrives on the self-organizing capabilities of collaboractive people creating finished versions of product in short cycles, called Sprints. Scrum is in itself agnostic of internal structures, positions, titles, hierarchies. Scrum has no mandatory rules for organisational constructs. Scrum is simple, not easy. The simple rules and roles of Scrum are most often twisted and broken to fit an existing organization. Yet, it is nearly impossible to benefit really from adopting Scrum without updating the internal operating systems.

The sensible and courageous way forward is to re-vers-ify, to re-imagine your Scrum to re-emerge your organization. It is a path, not the destination. The destination, an updated organization, is unknown, remains to be discovered.

  • Use Product Backlog as the single plan for one (1) meaningful initiative (project/product/service). Slice the initiative if it is too big.
  • Reset the accountabilities for the selected initiative to Product Owner, Scrum Master and Development Team(s).
  • Facilitate the eco-system with tools, infrastructure and a (Scrum) team zone in order for them to create sashimi releases. A controlled and automated deployment pipeline is certainly a much needed step forward.
  • Repeat, grow, learn, expand.

“Re-vers-ify” is a narrative to help people re-invent their organizations; an invitation for people to re-imagine their Scrum to re-vers-ify their organization. Over the course of 2017 I have introduced re-vers-ify in several ways. I have now highlighted the essence in a short movie. It takes only slightly over 3 minutes of your time. Enjoy!

If you have more time to spend, consider reading my book “Scrum – A Pocket Guide (A smart travel companion)“. It ends with following belief:

Posted on 2 Comments

Scrum, a simple framework for complex product delivery

Much has been said, is being said, and will be said about Scrum, the most adopted Agile process.

Scrum, in the end, is a simple framework for complex product delivery. Scrum has a limited set of mandatory rules and roles. They all serve to create an environment within which people inspect their work regularly, so they can adapt. Scrum is an open framework in the sense that people can employ a variety of specific practices. When these practices are employed well, the integral result is still… Scrum.

Despite/due to its popularity and simplicity, much misunderstandings exist. I highlighted the essence of the Scrum framework in a short movie. It takes less than 3 minutes of your time. Enjoy!

If you have more time to spend, consider reading my book “Scrum – A Pocket Guide (A smart travel companion)“.

Posted on Leave a comment

The future of Agile (is in the small)

Where Agile is synonymous to ‘adaptive’, organizational adaptiveness comes through small, networked communities and ecosystems collaborating.

This will happen inside organizations, and across organizations. For many organizations the challenge is how to adopt such organizational setup. It is a critical challenge because it is the only way to wake up from the latent coma caused by size, cash and rigid structures. Many large organizations, in their current state, are dead already.

In 2013 I created the book “Scrum – A Pocket Guide (A smart travel companion)“, helping people restore, update or confirm their understanding of Scrum. I am currently working on a new book on the current state and the future value of ‘Agile’.

Find my thoughts on how the future of Agile is actually in the small in a short movie. It takes less than 2 minutes of your time. Enjoy!

Posted on 5 Comments

Scrum Master, the modern manager

A Scrum Master is rarely seen, let alone enacted, as a management role. The role however does show us how a modern manager would act.

Scrum Master, as a modern manager, fosters an environment of safety. An environment of safety is an environment in which people, from a traditional point of view, act in a highly unsafe way; speaking up, challenging, sharing, thinking, pausing, collaborating, deviating, creating, innovating.

In the past I have already published my views on how Scrum Master is a manager. I have now highlighted the essence of the Scrum Master role in a short movie. It takes less than 3 minutes of your time. Enjoy!

If you have more time to spend, consider reading my book “Scrum – A Pocket Guide (A smart travel companion)“.

Posted on 1 Comment

Meetlatpoëzie

Naar Parijs in statig roze. ONaangekomen NOg terug in rafelgroen.

Dat is de informele ondertiteling (thema?) van mijn eerste poëziebundel:

La NOuvelle Cycluste (ONgekelderd en NOg dicht)

En ik zelfpubliceerde dit debuut via Unibook.com. Je kan er via de webshop mijn bundel kopen, en wel via deze link: http://www.unibook.com/nl/Gunther-Verheyen/La-NOuvelle-Cycluste-%28ONgekelderd-en-NOg-dicht%29

De typografie en de drukte?

Het is gewild. Het moest zo zijn. Met 1 lezing niet aan te komen. Aan mij, in mij. Terug te keren. De (meeste) gedichten zitten vol rechte lijnen en hoeken. Dat is te wijten aan de analytische lever (van het werkwoord “leven”) in mij, de overmatige denker, de ingenieur. Overgestructureerd.

Met als resultaat: kubistisch-hoekig gedoe.

M e e t l a t p o ë z i e

Swoon was zo vriendelijk om op basis van een proefbundel een gedichtje te laten inspreken door Arlekeno Anselmo en te onderbouwen met geluid, klank en beeldvormingen. Hij koos “Geheimpje van de dichter” uit. Een grappige keuze want het valt net buiten de bundel. Het bekijkt de dichter en zijn bundel van op een agnostische afstand.

Dit gedicht gaat over het dichten zelf. En ook weer niet. Als het allemaal voorbij is, de bundel gelezen, komt het zeggen dat al die voorbije woorden zichzelf niet waren, want dat er teveel verzwegen bleef. Moesten ze gesproken zijn, ze zouden zich moeten bewijzen, tonen dat ze waar zijn, en kan de dichter dat wel aan?

ps. Van deze site maakte ik met mijn Team nota bene in 2006 een eerste versie voor Peleman Industries, als Wwaow.com (“Worldwide Association of Writers”). Met de naamsverandering, naar analogie met het hoofdmerk Unibind, is de buitenkant blijkbaar hard veranderd, maar ik herken wel ‘onze’ binnenkant nog helemaal. Het ziet er allemaal wat meer flashy uit terwijl wij bewust sterk voor soberte hadden gekozen. En wij maakten zeker geen fouten in databaseverwijzingen, zoals gebeurt bij het opvragen van mijn bundel!

Posted on Leave a comment

Hoe tot een Bankroet te komen

In de nadagen van zijn Berlijnse periode begon Paul Van Ostaijen te werken aan een filmscript. Hij werkte De Bankroet Jazz (waarschijnlijk) voorjaar 1921 af toen hij, na zijn terugkeer naar Antwerpen, ondergedoken zat bij zijn vriend, de beeldhouwer Oskar Jespers.
In 2009 worden de beide gekende versies van het script in een prachtige facsimile uitgegeven door Uitgeverij Ijzer. Het boek krijgt daarenboven een DVD mee met niet enkel de verfilming door Frank Herrebout en Roxy Movies, maar ook een documentaire en bonusmateriaal.

In de documentaire schetsen in hoofdzaak Geert Buelens en Marc Reynebeau, maar met een hoogst interessante, historische nevenrol voor rijksarchivaris Luc Vandeweyer, beeldrijk de levensloop van Paul Van Ostaijen en hoe het nagelaten dadaïstische filmscript daar in past.

Het gaat vrij snel naar zijn nederlandstalige schoolloperij, wat al vrij uitzonderlijk is en leidt tot een rebels flamingantisme. Het eindigt bij de verrassende onthulling dat onze aktivistische jongeling voorbestemd was de rang van kapitein-adjudant op te nemen bij de op te richten Vlaamse Militie/Rijkswacht, getekend Borms. Zou het uniform gepast hebben? In tussentijd had de dichtende klerk een celstraf opgelopen door een ‘grap’ van zijn Vlaamsche Vriendjes, eenzaam geroep tegen de gehate superieur kardinaal Mercier. En zijn eersteling, Music-Hall, was opgevallen door de vernieuwende stedelijke thematiek.

Met het einde van de eerste wereldoorlog in zicht vertrekken Paul en geliefde Emma Clément naar Berlijn. Daar beleven ze live, in real-time, het einde van het keizerrijk. Zien ze hoe onder hun raam Noske, de steeds rechtsere sociaal-democraat, de volksopstand bloedig in de kiem laat smoren. Op de stoep van het rovershol waar Paul met zijn Emmeke, ondertussen ook al de schoonste van Berlijn, verblijft. Waar schijnbaar een louche piloot, Goehringer genaamd, in duistere zaakjes handelt.

Berooid en beroofd van liefde, idealen en romantiek keert Van Ostaijen terug naar huis. Daar werkt hij verder aan het filmscript dat wel een afrekening lijkt met zijn leven so far. Een signaal dat het humanistisch expressionisme van zijn tweede bundel Het Sienjaal passé is. Eat your heart out, Wies Moens. Het script lijkt ook sterk op de nieuwe prozaliefde die Van Ostaijen in Berlijn omarmde, de groteske.

Maar Van Ostaijen verwerkt er dadaïstisch-pamflettair ook reclameteksten en -beelden in, productnamen, affiches. Het straatbeeld van Berlijn. In een ontpersoonlijkte vorm geeft het de opstand van de dans weer. Iedereen doet mee! Alle landen. Tot ook de jazz en de dada zich bekeren tot het burgerlijk cynisme van het geld, het kapitalisme. Waardeloze staatsbonnen en verdwijnende regeringen zijn het gevolg, waardoor clowneske Chaplin de zaken -tevergeefs- overneemt.

In zijn tijd aantoonbaar onverfilmbaar werd het script tot leven gebracht in een collagefilm. Zeer arbeidsintensieve research doorheen het filmmuseumarchief resulteerde in de assemblage van vaak gefragmenteerde fragmenten van paapse censuur. Leuk weetje dat de dood van Wagner de geboorte van de Jazz inluidt. Dada matinées. Maar laat wat mij betreft vooral duidelijk zijn dat Van Ostaijen stromingen op zich oversteeg, surrealisme, dadaïsme, futurisme, expressionisme. En hij leek over een zeker voorspellingsvermogen te beschikken (zie inflatie). De exploratie van jazz en de roots ervan is net iets te uitgebreid om te blijven boeien. En dat om toch maar te kunnen aantonen waarom onze geliefkoosde dandy er zo gek van was. Zeitgeist? Iemand?

Mijn dank aan alle makers voor boek, beeld en toelichting. Bijzonder verrijkend.

Posted on Leave a comment

De Herleesbaarheid der Zinnen

Ik herlees niet vaak (genoeg) een boek. Stapels ongelezen spul. Gelukkig genoeg lees ik nog veel minder vaak een boek niet uit. Heiligschennis.

Ik las de Helaasheid Der Dingen van Dimitri Verhulst bij verschijning begin 2006. En heb het herlezen bij aanschaf van de verfilming op DVD.

In een reeks miniaturen portretteert Verhulst een familie. De schrijver bootst een wereld na en creëert literaire personages (complex, artistiek, ingewikkeld) waardoor de reële familie hem ontvalt. Achtergelatenen. Een duidelijk geval van overstijging en ontgroeiing. Want Verhulst denigreert, veroordeelt noch verheerlijkt in zijn licht-naturalistische schets met tinten van tederheid, begrip en liefde. Jammer van de overmatige focus op en compleet oninteressante vraag naar het zogenaamd autobiografische.

Spelen mee: Potrel (meer broer dan nonkel), ikke (ook wel: Kleine -met hoofdletter!-; soms Dimmetrieken), Meetje (grootmoeder), de Pie (mijn vader, ook wel: Pierre), nonkel Zwaren, nonkel Herman en Roy Orbison. Wij. De Verhulsten.

In: Tante Rosie komt van Brussel naar huis, naar Reetveerdegem. En doet ons schaamte kennen. Terwijl nichtje Sylvie André-met-de-schijtzak leert kennen (wat, haar vader?) en met haar eerste pintje de dwergen aftroeft. Het wonder is geschied. Mijn pruim is nat en ‘t regent niet. Tot Oncle Robert de voormalige godin aan haar haren huiswaarts sleurt.

Van Palmier, een oude heks die stonk naar vis, hadden we schrik. Maar van haar hond nog meer, zeker nadat we haar puppies in een ton verzopen. En niemand weet waar dat wraakzuchtig beest rondhangt.

Mijn vader werd knap tweede in de wedstrijd naaktfietsen van Omer van de Liars Pub. Een jaar later wint onzen Herman bij Omer het wereldrecord zuipen. En rijdt zichzelf en een stel gangsters in een ‘comateuze toestand’. Wat ene politiesnotter aan Meetje niet uitgelegd krijgt in ‘t midden van de nacht. Maar Herman krijgt toch lekker een medaille.

Continue reading De Herleesbaarheid der Zinnen

Posted on Leave a comment

Europa Republic Dada

Een filmscript. Waarin Paul van Ostaijen zijn voorliefde voor de jazz integreert met zijn persoonlijke beleving van -bloedig neergeslagen- burgeropstanden, allemaal in het na-oorlogse Berlijn. De Dada uit beeld geschreven. De Bankroet Jazz. Pleite. De tekst in boekvorm leest lekker beeldend en werd meer dan 80 jaar na creatie… verfilmd.

Het kriebelt. In de stad. Steden. Dada. Op een jazzy ritme. Een consortium wordt opgericht. De revolutie verspreidt zich. Op een jazzy ritme. Zelfs de Reichsminister en zijn gewapende milities krijgen het geweldloze geweld niet doodgeschoten. Schiesst noch was, Noske. Iedereen danst. En is rentenier! Dankzij immer groeiende kortingen op staatsbons van immer groeiende waardestijgingen.

De Europese wereld wordt dada, maar even snel gaga. Het humanistisch optimisme verzuipt. En geen grote contemporaire mensevrienden, noch een ernstig jongmens als Charlie Chaplin, krijgen de zaak nog gered. Da da kabaret, daaaag. Geld is alles. C’est la B A N Q U E R O U T E, quoi.

Kleuren, dans, beweging. Sfeer. Samengeknipt met beelden uit verschillende films uit de beginjaren 1900. Het procédé verhoogt de authenticiteit, maar laat minder ruimte om het script na te leven. ‘Charlot wordt gehangen’ was zelfs in de eerste versie geschrapt en kwam finaal niet meer voor. De herkenning van Charlot als profeet is bepaald eigenzinning. De tijd gaat niet de vuilbak in. De overgave van de kerk is nogal bloot. Er moest natuurlijk beeldmateriaal bestaan om het scenario zo goed als mogelijk te tonen. Maar het geheel is zeker bevredigend.

Antwerpen of Berlijn, het maakt niet uit. Van Ostaijen uit zijn wantrouwen tegen georchestreerde, grootse bewegingen die het individu uitschakelen.

Posted on Leave a comment

Het failliet van het Ideaal

Een filmscript. Wist ik niet. Alhoewel ik heel het gezegende jaar 1996 aan Paul van Ostaijen heb besteed (zijn 100e geboortejaar). Om mijn beeld zo helder mogelijk te krijgen, deed ik mij tegoed aan (selecties van) zijn gedichten (Music-Hall), zijn essays en kunstkritieken (De Poes Voldeed), zijn grotesken (Het Bordeel Van Ika Loch) en een handvol biografisch werk. Wat toch een breedbeeldbeeld is, niet?

Het voorwoord van De Bankroet Jazz is van de hand van Marc Reynebeau. Het is van vergelijkbare schriftuur als zijn knappe biografie Dichter In Berlijn. Dezelfde meeslepende stijl en een overtuigende reis in de tijd. Later is dat nog aangevuld met “Ik Heb Je Nog Steeds Zeer Lief”, de gebundelde briefwisseling tussen zot polleke en emmeke.

De twee gekende versies van het filmscript staan opgenomen, met telkens een facsimile -met de originele tekst van Paul van Ostaijen- en een uitgetypte weergave. De laatste, meest definitieve versie wordt gesitueerd in 1921, in zijn nadagen in Berlijn. De evolutie van versie 1 naar versie 2 is duidelijk. Meer detail. Minder schets. Een uitwerking in scènes (genummerd). Meer ritmische typografie zoals we die kennen van Bezette Stad en De Feesten Van Angsten En Pijn. Schrapping van de epiloog. Toevoeging van sterke, sfeerscheppende beginbeelden. Beide scenarios zijn goed leesbaar, zowel als pure tekst maar ook in je mentale vertaling naar beelden en enscenering. Lastiger zijn de muzikale aanduidingen.
En in de facsimile herken je het handschrift van de fantastische facsimile-uitgave van “De Feesten Van Angst En Pijn”.

Zijn film rekent verder af met de humanistische, ‘goede’ zielen, wat hij eerder deed op ‘poëties’ vlak (na Music Hall en Het Sienjaal). Net door de kennismaking met de gewelddadige realiteit van het na-oorloogse Berlijn. En in dezelfde lijn hekelde ‘Paus’ van Ostaijen de verburgerlijking, van jazz en Dada. Verhekeling zoals we die kennen van zijn grotesken.

Op nu naar de verfilming op de bijgevoegde DVD, en documentaires.

Posted on Leave a comment

Year (Twenty) One

21 Years have passed since the publication of Batman: Year One, by Frank Miller. Year One is a strange sort of follow-up/prequel to Miller’s acclaimed Batman: The Dark Knight Returns. While the latter shows us the comeback of a tormented Batman, Year One takes us to the early year(s) of the caped crusader. How he came to be.
4 Chapters in 1 year.

(for year two and all the other years in between Miller’s works I fondly like the tales of Jeph Loeb, with graphics by Tim Sale and Jim Lee)

The graphics -somewhat pale and bleak-, the Bat costume, the gadgets, it all reflects the past times of the comic figure that Batman once was. A bit camp. Naive like the young man looking for revenge, subject to doubts.

In a ‘parallel parfait’ to Bruce Wayne’s search for a hidden identity, we witness how Gordon arrives in the Dark City of Gotham to take up his assignment in the corrupt police force. And how he deals with it (hard headed and using his fists). And with his workaholism, his commitment to the law, his loyalty towards his wife and (unborn) child. How his opinion on the giant Bat evolves from lawbreaking vigilante to ‘a friend who might be able to help‘ (when facing the new threat called The Joker).

And the earliest encounters of the Bat and the Cat(woman) make it clear that they are destined for a troubled and complex relationship. A theme that Loeb has brilliantly built on. And in Batman: The Long Halloween Loeb directly pursues the story of Year One but directing it towards the gangster theme through Frank Miller’s character of The Roman.

A personal favourite is the delicate, hidden romance of lt. Gordon and sgt. Sarah Essen. Just one of his personal struggles. Perfectly illustrated in coffee bar romantic moments (Nighthawks reluctant to go home):

Now, put together the works of Frank Miller, Jeph Loeb and Alan Moore (The Killing Joke). And recognize characters (like Harvey Dent, the psychopathic Branden), storylines and developments in Tim Burton’s Batman movies, as well in the new Dark Knight series.