Sweden 2013 – A Family Holiday

The last couple of years we headed south for our yearly summer holidays, to Croatia, Italy, Spain; looking for the sun and making sure a swimming pool is around. For 2013 we decided to head north, to Sweden.

Before presenting my little summary of every day and a mosaic with one picture a day, let me share some take-aways first that popped up in my head during our 2 weeks in Sweden, Småland:

Nice bread. Big trucks. Quiet Saturdays. Much green. No elks.

Diary

Day 1, Friday August.2: Antwerp-Bremen. A bit stressed (as always at the start). Some hotel swimming and an outside German dinner at Prüser’s Gasthof in Hellwege (near Bremen).
Day 2, Saturday August.3: Bremen-Malmö. Relaxed (totally, finally). Taking the boat from Germany to Denmark (just in time), and crossing the famous bridge from Copenhague to Malmö. What a fine hotel (after turning a couch into a bed for the boys). Enjoying the evening at a square with a lovely fountain and modern eating of famous chefs.
Day 3, Sunday August.4: Malmö-Öreryd. Even more relaxed. Morning market and first vintage purchase in Malmö before headinf further north. Lunch in Halmstad. Arriving following the GPS. Depressed by the house. Found a supermarket though (in Gislaved) and the lake in Öreryd.
Day 4, Monday August.5: Jönköping shopping. Most relaxed (BIG!) lunch ever including caffé frappé; the children lovelier than ever during a relaxed lunch. Noa noa sales shopping for the women!!!
Day 5, Tuesday August.6: Öreryd beach day. Morning reading (see Books chapter below), Gislaved supermarket and… Öreryd beach by the lake. Sun after rain. Hurting my knee in an overcourageous jump into the water an and overheated barbecue in the evening.
Day 6, Wednesday August.7: Country day. Pleasant surprise: quilt shopping in Tyger o Ting, and a vintage lunch in Smålandsstenar and more money well spent.
Day 7, Thursday August.8: Regensprookjesdag (rainy legend day). Going to Ljundby mainly for the ‘Sagomuseet’ (fairytale museum). Finding more country stuff. Passing via mount Isaberg and its handcraft exposition on the way home. Tired. Rain.
Day 8, Friday August.9: Götebörg. A long, terrific day of shopping, eating and relaxing in a neat and soothing city. A tapas ending near the river. Little rabbit’s asleep.
Day 9, Saturday August.10: Lazy day Saturday. Morning reading, supermarket and… Öreryd beach by the lake. Swimming in the rain. Followed by a refreshing evening walk.
Day 10, Sunday August.11: Short day out to Gislaved. Eating in Smålandia, an ancient looking truck restaurant.
Day 11, Monday August.12: Astrid Lindgren day. Early up to be immersed all day, a long day, in the world of Astrid Lindgren. Little houses, big houses, little stories and big stories told, played and depicted. Presents for all! A fantastic highlight.
Day 12, Tuesday August.13: Rain. Escaped to tiny sun beams and a vintage lunch in Gränna, city of candy.
Day 13, Wednesday August.14: Rain. Escape to the swimming pool. Evening dinner in Jönköping.
Day 14, Thursday August.15: Garden day. Visiting the Gunilla gardens in Swedish Småland by Danish artist Tage Andersen. We celebrate mother’s day. The Swedish don’t. And we end with an expected sunny stay at an unexpected beach near lake Vättern Evening dinner at a Jönköping pier.
Day 15, Friday August.16: Lazy day of awakening slowly, starting to clean the house and going for another vintage afternoon lunch in Smålandsstenar, and vintage sales hunting in the connected shop. Nienke entering the Lega värld, with her first Lego Friends set.
Day 16, Saturday August.17: Last day. In search of the second hand super market of Gnosjö. Found. It’s still there. We closed the vacation with a tapas dinner by the water in Jönköping.
Day 17, Sunday August.18: Öreryd-Bremen. Back on the boat. Germany is definitely a terrible driving country. Same hotel, same swimming pool in Hellwege. Relaxed.
Day 18, Monday August.19: Bremen-Ekeren. Home. It’s been F A N T A S T I C. Only disappointment was the house we stayed in. But we explored the region, had great excursion and the kids never before were so at ease with our habit of irregular meal times and unexpected lunches.

Sweden 2013

Books

I have read following books on this holiday: Nightwing 2 (‘New 52’ series by DC Comics), Superman Earth One vol. 2, Quarks, chaos and christianity by John Polkinghorne, Mike Scott – Adventures of a Waterboy, De Maagd Marino by Yves Petry. The Polkinghorne book was meager, but the other ones were great. I particularly enjoyed Mike Scott’s lively tales of his various adventures!

I have an endless stock of books I still have to read (in our private library), but keep a list of specific books I want to read next. For diverse reasons my holiday reading made me overwrite my short term list and replace it with Rimbaud (Illuminations and Une saison en enfer), Nabokov (Lolita), Nietzsche (re-reading some works and consuming new wisdom), Stephen Hawking and Ludwig Wittgenstein.

Legendarisch Hedendaags

Met Hedendaagse Legendes werden 3 klassiekers in het stripgenre gebundeld. Pierre Christin schreef in de periode 1975-1977 3 fantastische verhalen die door Enki Bilal werden geïllustreerd. En met ‘fantastisch’ refereer ik niet enkel aan de kwaliteit maar ook aan de inhoudelijke verhalen. Ze brengen gebeurtenissen die zich tegelijk in en buiten onze reële werkelijkheid bevinden, maar we worden quasi argeloos meegenomen op 3 reizen door het uitzonderlijke met een sci-fi tintje.

In Het Dorpje Dat Ging Vliegen (1) beleven we de luchtreis van een volledig dorp. De bewoners genieten bepaald van hun uitstapje dat hen voor één keer onttrekt aan de zware aarde. Ondertussen breken de militaire onderzoekers in het nabijgelegen experimenteel onderzoekscentrum zich het hoofd over het waarom de effecten van het onstopbaar experiment met de zwaartekracht zich vooral buiten het proefgebied lijken te manifesteren. Terwijl de dorpelingen zich vermaken, doen zich griezelig psychomorfische veranderingen voor bij de militairen. Allicht interessant studiemateriaal.

De legendarische figuur 50/22B (ook wel: Guesdin, Guidoni, El Ciego), een raddraaier in hart en nieren, die als intermediar overdrager van energie eerder de zwaartekracht hielp overwinnen, bezoekt in Het Schip Van Steen (2) een ruraal dorpje aan zee dat bedreigd wordt door megalomane projectontwikkelaars. Samen met de lokale gemeenschap, zijn eeuwenoude tovenaar en alle historische dorpsbewoners wordt een indrukwekkend ontsnappingsplan in werking gesteld.

In De Onbestaande Stad (3) genoot ik het meest van de onverwachte omkering van dromen en idealen. In het begin worden we wreedaardig opgewekt uit utopiaans gedroom door de werkelijkheid van een aanslepende staking in een lokale fabriek. Als de eigenaar, beheerder en dominator van de fabriek (en het stadje) voortijdig het leven loslaat, start een merkwaardige sequentie aan gebeurtenissen. Centraal daarin staat de enige erfgenaam die, geïnspireerd door de intussen gekende mysterieuze subversieveling, zich niet wil onttrekken aan haar ‘plicht’ te betalen voor het geld dat haar familie heeft vergaard. Mits enige manipulatie van de hongerige wolven die de overgebleven directeuren vormen, slaagt zij erin een nieuwe stad tot stand te brengen voor de inwoners. Dit leidt bij sommigen tot de omkering van een droom, en de inverse aard van de wreedaardige opwekking eruit. Een stad die niet bestaat? Of niet kan bestaan? Of beter niet had bestaan?

De verhalen bevatten een naturalisme waar Emile Zola zich helemaal in zou kunnen terugvinden; een sociaal, emanciperende inslag tegen de achtergrond van een soort oud-industrieel oud-Frankrijk. Inhoudelijk hebben ze de aanwezigheid van een zelfde engel-achtig figuur gemeenschappelijk, waarvan het staatsvijandig belang, zo wordt geschetst in een kort inleidend verhaal voor het eigenlijke Het Dorpje Dat Ging Vliegen begint, niet kan onderschat worden. In datzelfde inleidende verhaal wordt ook het subversieve karakter van beide auteurs aangeraakt, met hun hunker naar maatschappelijke rechtvaardigheid en een betere wereld. En elk verhaal leidt effectief tot een nieuwe wereld voor de bewoners van de verhalen. Alhoewel het in De Onbestaande Stad toch eindigt met een lichte, ironische kanttekening omtrent de wenselijkheid en het noodzakelijke isolement van gerealiseerde idealen.

De illustratiestijl van Bilal is herkenbaar, zijn personages zijn reeds karakteristiek, maar het zijn nog heel erg… tekeningen. Ze zijn prachtig, maar nog maar een voorbode van de verbeeldende stijl die hij later zou aannemen, als hij ook de verhalen voor zijn rekening neemt. Een hoogtepunt is natuurlijk de Nikopol-trilogie, alhoewel zijn grafiek is blijven evolueren. In zijn laatste reeks, met de voorlopige eerste twee delen Animal’z en Julia & Roem, bestaan de prenten eerder uit houtskool of gouache-achtige schilderijen waarin het belang van aflijning zo goed als is verdwenen. Ik vind het dan ook een beetje dubbel dat deze bundeling “Hedendaagse Legendes” werd heruitgebracht met een nieuwe cover door Bilal die impressies uit de 3 gebundelde verhalen bevat. Het is erg mooi, maar de cover is gemaakt in de stijl die Bilal vandaag hanteert, inclusief de overwegend blauwe inkleuring, terwijl de verhalen zelf daar nog maar de prille oorsprong van bevatten (op pagina 167, plaat 47, herken ik de prille trekken van de latere Parijse machthebber in Kermis Der Onsterfelijken). Maar de verhalen en de grafische verbeelding ervan zijn zondermeer klasse en de moeite, dus laat je door die kleine misleiding niet op het verkeerde spoor zetten, dus ook niet ontgoochelen.

Samen maakten Bilal en Christin later trouwens nog de meesterwerken De Falangisten Van De Zwarte Orde en De Jacht. Uitmuntende aanraders die zich helemaal afspelen tegen dubbelzinnige, politieke achtergronden.

In bad met de vogels

Enige (vele) jaren geleden kreeg ik krantgewijs een verwijzing aangereikt naar het boek At Swim-Two-Birds van Flann O’Brien, een land- en halve tijdsgenoot van James Joyce. Daarbij werd dit als van vergelijkbare allure en branie omschreven als het werk van die rondtrekkende leraar Engels. En dat trok me aan. Dus schafte ik me het boek aan, ‘en Anglais’ weliswaar. En bleef het me vervolgens regelmatig aanlokkelijk toelachen vanuit onze boekenkast met meer on- dan gelezen werk (bepaald belangrijke kennis volgens Taled in de onzekere wereld van De Zwarte Zwaan).

Tijdens de zomer van 2011 vond ik het boek echter in een recente (2010), Nederlandstalige (her)uitgave van Atlas in boekhandel Selexyz Broese in Utrecht. Complimenten! En ging ik op vakantie eindelijk ook aan het lezen. Was ik eerder dan toch afgeschrikt door de indruk van hermetiek in combinatie met het Engels?

Weerspiegelingen

Flann O’Brien was een pseudoniem van Brian O’Nolan. Op Twee-Vogel-Wad was zijn debuut, en kreeg complimenten van Joyce (kende die dat?) terwijl diens moderne klassieken (at the time) tevens inspiratie waren voor O’Brien. Men zegt dat het de laatste roman (van een andere schrijver) was die Joyce ooit las.

Dit romanwerk is een complexe kaleidoscoop van aantekeningen, verhalen, uitreksels en allerhande over een student die meer zijn bed ziet dan de aula maar wel een boek schrijft. Het manuscript waaraan deze student en aspirant-schrijver werkt gaat over… een schrijver die een boek schrijft. De student deelt zijn manuscript, en zijn ideeën, met studenten en andere kringen. Hij vult het eigenlijke verhaal aan met mijmeringen, dagboekachtige aantekeningen en encyclopedische lijstjes en opsommingen, nietszeggende dialogen ook. Die hij niet zelden in de monden van zijn personages legt. Het werk is doorspekt met Ierse mythologie (O’Nolan was er expert in). Maar ook Ierse far-west verhalen krijgen hun plaats in de gestructureerde wirwar. En personages worden geput, zoals het hoort volgens romanpersonage en schrijver Tracy, uit een standaard voorraad van literaire personages, zodat deze niet telkens opnieuw moeten beschreven en gekend worden.

Afspiegelingen

De plaats “Twee-Vogel-Wad” is een watertje ergens aan de Shannon waar tot waanzin gedreven koningen in gevederde gedaante (Sweeney in dit geval) graag vertoeven. Dat verhaalt de oud-Ierse heldenreus Finn Mac Cool, verzonnen figuur uit groen gebonden boeken, specialisme van de schrijver in het boek.

Nog andere personages van het boek-in-het-boek gaan met het verhaal aan de haal, in een mengeling van werkelijkheden en tijdperken. Ze maken gebruik van de slaap van hun scheppende auteur om in het verzet te komen tegen de hun verhaalmatig opgelegde natuur. Ze leggen ongeoorloofde bezoekjes af, vertellen prachtige verhalen en voeren ongeschreven dialogen.

De afkeer van de personages tegenover hun schrijver culmineert in een… manuscript. Dit manuscript wordt geschreven door de boekenzoon van de schrijver. Trellis vs. Trellis als het ware. Deze schrijver werd, net als mr. Furriskey, geboren op de gezegende leeftijd van 25. Ondanks die gevorderde geboorteleeftijd is hij onbezoedeld, tenzij met het schrijverstalent van vaderlief. Maar zijn gevorderd schrijverstalent leidt bij de andere personages tot de afweging dat de betere letteren ook wel té beter kunnen zijn, en dus moet een tweede versie van het manuscript gemaakt worden. (ps. In de figuur van Jem Casey, werkmansdichter, werd dergelijke afweging ook al gemaakt.) De afweging leidt tot de conclusie dat lekker snelle moordzucht beter verteert. Een goede, doch aannemelijke plot, asjeblieft, en niet al dat overdreven gedoe. Alsof de tijd sinds 1939 (toen dit boek werd gepubliceerd) heeft stilgestaan, niet?

In elk geval, in volgende versies ontwikkelt zich een herhaling van wat koning Sweeney (Mad Sweeney, Buile Shuibhne) overkwam in de mythische vertelling door Finn Mac Cool, reus, held en oudheidkundige poëet. Wordt de oude Trellis, de verguisde schrijver die in slaap wordt gehouden ter voltrekking van de wraak van de personages, op die manier de tweede bezoeker van twee-vogel-wad? Of worden de uitgangspunten, hoog en laag, verenigd in het kwellende ingrijpen van de duivelse Pooka MacPhellimey? Een vertelling zo grotesk als de oude verhalen wordt verplaatst naar de nieuwe wereld, een wereldse wereld.

Bespiegelingen

Een boek kan meerdere, gelijkwaardige beginnen kennen. De auteur schenkt er ons in Op Twee-Vogel-Wad zomaar eventjes 3:

  • De Pooka MacPhellimey in zijn hut in het bos,
  • De geboorte van Furriskey,
  • De legendarische Finn Mac Cool met zijn verhalen.

Een boek kan aldus nog veel meer eindes kennen, die er van afhangen hoe de verhalen volgend op de veelvoudige beginnen verlopen en verstrengeld raken. Dat weet enkel de schrijver. Of in dit geval, het meervoud aan schrijvers. Zij maken het proces, niet een jury van door hen geschapen personages.

Op Twee-Vogel-Wad is doorspekt met nog meer bespiegelingen over literatuur, vanuit het perspectief van de verschillende boekschrijfpogingen die door elkaar vloeien. Het nieuwe Ierland en zijn oude mythologie komen tesamen aan bod in een -letterlijk- fantastische mengeling van stijlen en stemmen, hoog en laag, modern en oud. En O’Brien beheerst ze moeiteloos, wat behoorlijk indrukwekkend is voor wat een debuut was.

Het resultaat is een web van nonchalante satire uit 1939 dat bij mijn lezing zo’n slordige 72 jaar later bijzonder tijdloos bleek. Lichtvoetig, alhoewel van modernistisch deconstructivistische aard. Meerstemmig. Een labyrint van mythologische allures. En er zou een verfilming op komst zijn, door de volhardendheid van Brendon Gleeson die het scenario-adaptatieproces als een marteling omschreef.

ἐξίσταται γὰρ πάντ’ ἀπ’ ἀλλήλων δίχα – existatai gar pant’ ap’ allêlôn dikha – for all things change, making way for each other – want alle dingen veranderen, om plaats te maken voor elkaar

Meetlatpoëzie

Naar Parijs in statig roze. ONaangekomen NOg terug in rafelgroen.

Dat is de informele ondertiteling (thema?) van mijn eerste poëziebundel:

La NOuvelle Cycluste (ONgekelderd en NOg dicht)

En ik zelfpubliceerde dit debuut via Unibook.com. Je kan er via de webshop mijn bundel kopen, en wel via deze link: http://www.unibook.com/nl/Gunther-Verheyen/La-NOuvelle-Cycluste-%28ONgekelderd-en-NOg-dicht%29

De typografie en de drukte?

Het is gewild. Het moest zo zijn. Met 1 lezing niet aan te komen. Aan mij, in mij. Terug te keren. De (meeste) gedichten zitten vol rechte lijnen en hoeken. Dat is te wijten aan de analytische lever (van het werkwoord “leven”) in mij, de overmatige denker, de ingenieur. Overgestructureerd.

Met als resultaat: kubistisch-hoekig gedoe.

M e e t l a t p o ë z i e

Swoon was zo vriendelijk om op basis van een proefbundel een gedichtje te laten inspreken door Arlekeno Anselmo en te onderbouwen met geluid, klank en beeldvormingen. Hij koos “Geheimpje van de dichter” uit. Een grappige keuze want het valt net buiten de bundel. Het bekijkt de dichter en zijn bundel van op een agnostische afstand.

Dit gedicht gaat over het dichten zelf. En ook weer niet. Als het allemaal voorbij is, de bundel gelezen, komt het zeggen dat al die voorbije woorden zichzelf niet waren, want dat er teveel verzwegen bleef. Moesten ze gesproken zijn, ze zouden zich moeten bewijzen, tonen dat ze waar zijn, en kan de dichter dat wel aan?

ps. Van deze site maakte ik met mijn Team nota bene in 2006 een eerste versie voor Peleman Industries, als Wwaow.com (“Worldwide Association of Writers”). Met de naamsverandering, naar analogie met het hoofdmerk Unibind, is de buitenkant blijkbaar hard veranderd, maar ik herken wel ‘onze’ binnenkant nog helemaal. Het ziet er allemaal wat meer flashy uit terwijl wij bewust sterk voor soberte hadden gekozen. En wij maakten zeker geen fouten in databaseverwijzingen, zoals gebeurt bij het opvragen van mijn bundel!

Best Wishes 2010

Some friend

This past year 2010 our paths may have crossed. It might be that we met, spoke, mailed, discussed, wrote, twittered. It might be that you just read some of my blog notes.

Let me thank you for it. Because, no matter what size, it was a stone that changed the direction of the river that is my life.

I hope you will have a wonderful and fun 2011… Stay connected. You are the world, you are my family.

ps. The favorite 2010 christmas present I got… ^

The roots of Business as Unusual

Before joining Capgemini Belgium in March 2010, the VP of Technology Services gave me a book that was co-authored by Andy Mulholland, CTO of Capgemini global.
Mashup Corporations (The End of Business as Usual) turned out to be a curious book. It has a story line, but it’s not a novel. It’s not a highly literate, fictional or romantic piece of work, but a very direct and effective tale about… technology. About uplifting technology to Service-Oriented Business Transformation.

The authors describe the transformation process of a fictitious company. Vorpal inc. is an important, but very traditionally organized, player in the market of popcorn popper machines. It enters new markets through the use of its ‘shadow IT’, leading to a top-down transformation to fully service-oriented operation, in order to cope with the continual changes and new demands of the new channels. It thereby builds new internal structures and more integrated (win-win) external relationships.

Vorpal makes the shift from ‘hub IT’ to ‘Edge IT’ on the wagon wheel:
(1) The ‘hub’ holds core enterprise data, clear and predictable processes and monstrous applications to maintain it;
(2) To reach new businesses, Enterprise applications are customized and refined;
(3) The ultimate level of flexibility and dynamism is achieved by opening up to new worlds via controlled services.

Agile is only briefly mentioned in the book, but in my Scrum Evangelist opinion, Agile development methods are the perfect match for this transformation. Deliver quickly, with high quality but on a less formal base. Go to market, learn and adapt.

This book should be on the reading list of every CTO or CIO !!!

Note: You can download my full paper on the book and the link to Agile.

I also published the complete story on the Capgemini Technology Blog, for our Business As Unusual program:

Nietzsch Nieuwzsch onder de Zschnor

Vol enthousiasme kocht ik de strip Nietzsche – Vrijheid Scheppen, de door Maximilien Le Roy verstripte biografie van Michel Onfray. Het enthousiasme bleek overdreven. Te wijten aan enige voorkennis?

Het boek behandelt op zich netjes leven, invloeden en werk van deze immorele goddoder. De muziek, zijn vader-predikant, zijn complexe verhouding met het fenomeen ‘vrouw’. Nog steeds wat minder bekend, en alleen al daarom terecht, wordt zijn syfillis-aandoening in beeld gebracht.

De tekstballonnen bevatten echter nogal wat expliciete verwoordingen door Nietzsche, die enkel tot doel lijken te hebben om enkele waanideeën te ontkrachten. Terwijl het toch al wel aanvaarde, algemene kennis is dat Nietzche geen anti-semiet was (integendeel zelfs). Goed, het leidt dan weer terecht naar de geschiedvervalsing door zuslief.

Het geval Wagner en zijn vreemde relatie met Lou Salomé komen aan  bod. De meeste van zijn boektitels worden verwerkt, maar je moet ze al kennen om ze te herkennen. Minder terecht vind ik de klakkeloze weergave van de fabel van het mishandelde paard, het begin van zijn einde. Hier moet je de relatie met syfillis dan maar vermoeden, zeker?

Kortom, het is een verdienstelijke poging, maar ik vrees dat zowel de persoon, zijn opvattingen, zijn werken en zijn leven net wat te complex zijn om te verstrippen. Naar mijn mening zitten er enkele clichés te veel in. En de gestripte stijl is niet de mijne. Minder dan sober.